Age is more than a number

wereldgetallen[1]

Bestaat het eigenlijk? Het vak ouderencommunicatie?

Op MBO of HBO verpleegkunde bijvoorbeeld? Of binnen reclame- en marketingopleidingen? Een vak waarin de psychologie van het ouder worden aan bod komt, en waarin jongeren wat meer inzicht krijgen in de groep waarmee en waarvoor ze straks gaan werken. Want ouderen hebben de toekomst. De grijze golf komt er echt aan en die bestaat niet alleen uit kwetsbare ouderen.

De ouderen van nu en van de toekomst zijn gemiddeld hoger opgeleid dan de vorige generaties ouderen en welvarender, ze hebben gewerkt, zijn maatschappelijk actief (geweest). Na hun pensionering of nadat ze kinderen het huis uit zijn, hebben ze nog veel goede, gezonde jaren voor de boeg. De eerste kleinkinderen hebben hun intrede gedaan, de hypotheek is afgelost en het pensioen geeft wat extra ruimte om te genieten van de nieuwe levensfase.

Jongeren die nu een opleiding volgen, op weg naar een baan in de zorg voor of communicatie met ouderen, zijn van een andere generatie, zitten in een andere levensfase en kennen oudere mensen door contacten met bijvoorbeeld hun grootouders, stage en beeldvorming via media. Hoe bereidt je hen voor op een toekomst waarin ouderen een invloedrijke consumentengroep zijn, met bijbehorende verwachtingen? Een groep die zo groot, en invloedrijk is dat je er niet meer omheen kunt?

Dat biedt kansen, ook voor de groep jongeren die hen straks als cliënt of klant heeft.

 Ouder, niet oud

Wat zou je jongeren dan bijvoorbeeld kunnen leren over de oudere medemens? Inmiddels is er heel wat (wetenschappelijke) kennis vergaard over hoe ouderen zelf denken, leven, beslissen. Hoe ze aankijken tegen ouder worden – niet oud, een subtiel verschil. Want wat betekent ouder worden nu precies voor degene die het betreft?

Ouder worden staat niet hoog aangeschreven in onze westerse samenleving. Oud(er) wordt vaak in één adem genoemd met kwetsbaar. De uitspraak ‘Ik wil wel oud worden, maar het niet zijn’, geeft dit sentiment mooi weer. Terwijl ouderen van nu zich vaak tien tot vijftien jaar jonger dan hun chronologische leeftijd voelen, omdat ze zich vergelijken met hun ouders.

De discrepantie tussen hoe ouderen zich voelen en hoe ze gedefinieerd worden door beroepsgroepen, overheid en jongere medemensen, heeft te maken met de definitie van ‘oud’. Leeftijd staat in onze samenleving gelijk met de chronologische leeftijd, het aantal jaren vanaf je geboorte tot nu. Iemand van zeventig is daarmee op papier ‘oud’, ongeacht de manier waarop hij of zij in het leven staat en zich voelt (feel-age), eruit ziet (look-age), leeft (do-age) en interesse heeft (interest-age).

Deze cognitieve leeftijd, de leeftijd waarmee ouderen zichzelf identificeren, zegt  meer over hun zelfbeeld dan louter de leeftijd geteld vanaf het geboortejaar: age is more than a number.

Ouderen identificeren zich  dus méér met hun cognitieve dan met  hun chronologische leeftijd. Ze definiëren zichzelf  in termen van hoe oud/jong ze eruit zien, hoe sterk/fit ze zich voelen vergeleken met anderen, de interesses en activiteiten die al dan niet horen bij hun leeftijd (do – en interest-age).  Leeftijd is meer, veel meer dan een getal. Wil je ouderen goed begrijpen, dan is dit besef alleen al een goed startpunt.

In het volgende blog over ouderencommunicatie de pyramide van Maslow.

Dit blog is geschreven door José van Berkum (www.vbcom.nl). Ze is communicatiewetenschapper en heeft zich gespecialiseerd in ouderencommunicatie. ‘Like’ van Berkum Communicatie op Facebook en volg haar op Twitter: @Josevanberkum.

 

Advertenties

Wat kunnen we van je leren?

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s